Te Zen of niet te Zen

Te Zen of niet te Zen

Voor mijn huidige opdracht rij ik elke dag van Ranst naar Aalter. (en terug natuurlijk) Dat is een eind.

Ik doe dat met de trein en de vouwfiets. Want dat is lekker ZEN. Op de trein tussen Berchem en Ranst is ondertussen geblogd, gesocial mediat, (hier hebben we nood aan een nieuw woord) gelezen en af en toe wel eens een dutje gedaan. Vermits dit van en naar de opdracht gebeurt heet een dutje dan een "power nap".

Dat loopt allemaal heel vlot. Behalve maandag.

 

Maandag vond er een aanrijding plaats tussen een persoon en een trein in Antwerpen zuid. (via de speakers klinkt dat zo)

 

En dan begint de strijd in mijn brein.

Ik vraag me af hoe een persoon een trein aanrijdt (grappig) en vraag me af of hij daar geen ander station voor had kunnen kiezen (verstoord in mijn ZEN).

Ik vraag me af hoe wanhopig of moe iemand moet zijn om die stap (letterlijk) te zetten. (empathisch). Mijn hart gaat uit naar een treinbestuurder die dit moet verwerken (alweer empathie)

Ik vraag me af hoeveel treinreizigers hierdoor beïnvloed worden en wat de mogelijke consequenties voor hen zijn (ergens tussen wetenschappelijk en filosofisch in)

Ik vraag me af hoe je het ongemak van heel veel mensen(misschien ook leed in sommige gevallen) afzet tegen het leed van de persoon in kwestie en zijn familie. Altijd iemands zoon of dochter, altijd iemands broer of zus... (weet niet in welke categorie ik moet indelen, economie misschien?)

 

En dat allemaal door elkaar. Een brein is een slagveld, geen computer.

 

Ondertussen ben ik nog steeds ZEN. Want uiteindelijk zet ik mijn lot af tegen dat van de andere betrokkenen en dat valt prima mee.

 

Ik vraag me af hoe ik moet thuiskomen (praktisch)

 

Gelukkig hebben we daar de speakers voor. Er staan bussen te wachten in Sint Niklaas die U naar Berchem zullen brengen.

Onmiddellijk ontstaat er enige solidariteit tussen de reizigers. Tot op dat moment is er in de coupé niets gezegd, maar nu is het toch tijd tot wat uitwisseling van informatie. De oudere dames voor mij moeten in Sint Niklaas zijn, dus voor hen valt het mee. Anderen rekenen de tijd uit dat dit gaat kosten en bellen familie of vrienden op.

Ik bel naar Martine, mijn vrouw. IK ga later thuis zijn vanwege een aanrijding, er zijn bussen. Ik ben nog steeds ZEN. We doen allemaal wat we kunnen.

 

In Sint Niklaas staan er aan het station bussen, en ik vraag me af hoe de NMBS dat zo snel voor elkaar heeft gekregen. Tot ik me realiseer dat het niet onredelijk is dat er aan een terminus bussen staan. Het valt me dan op dat er geen enkele staat met de vermelding Berchem. Er staat niemand van de NMBS om dit in goede banen te leiden dus, naar binnen om uitleg te vragen.

 

" Die bussen, die komen niet....Die conducteurs op de trein kunnen dat niet weten.

Binnen 5 minuten de trein naar Puurs. Van daaruit naar Antwerpen. " Ik verbreek de tijdelijke solidariteit met mijn lotgenoten want die wil ik niet missen.

 

Ondertussen ben ik nog steeds redelijk ZEN. Het is mooi weer, ik ga thuis geraken ben in het bezit van een laptop en een boek. En een paar lotgenoten zien een praatje wel zitten. Ik bel naar Martine en die komt me halen in Mechelen. Dus alles goed geregeld.

 

Op de trein valt het me op dat Belgie eigenlijk wel een mooi land is, bekeken vanuit de trein. Ik begin wel dorst te krijgen. Want het is een mooie, warme dag en de trein is ook lekker warm. Ondertussen zijn we al een paar uur onder weg.

We rijden over de brug van Temse met zicht op de Schelde, over de brug van Willebroek, met zicht op het kanaal en eigenlijk geniet ik hiervan.

Ik maak me de bespiegeling dat dit allemaal wel meevalt als je geniet van wat de reis je te bieden heeft en weeg mijn lot weer af tegen dat van de familie van de zwaar betrokken personen, reizigers die niemand hebben om hen te komen halen etc. Ik bel naar Martine en spreek af om een pint te gaan drinken in Mechelen (ik denk bij mezelf, en een hapje te eten....want ik begin honger te krijgen. Ik ben nog steeds ZEN.

 

We komen aan in Mechelen en Martine staat te wachten. Ik zie haar niet direct staan maar daar heb je een GSM voor. We zien elkaar en ik zeg op naar de pint.

 

"Heb jij geld bij" vraagt ze? "Want Karen heeft net mijn portefeuille leeg gemaakt om naar de dokter te gaan. " Ik heb niks bij. Geen geld, geen pint en geen hapje. Op zich geen probleem. Op 20 minuten ben ik thuis. Met de auto met chauffeur en met de Airco op. Toch ben ik op dat moment mijn ZEN KWIJT. En dat is absurd.

 

Stress is echt veel meer een product van ons denken, onze verwachtingen, dan van de situatie.